Aftrek voorbelasting bij belaste en onbelaste prestaties

14 mei 2007 | Ministerie van Financiƫn | besluit | CPP2002/291M

In een besluit heeft de staatssecretaris van Financien uiteengezet, dat de aftrek van voorbelasting voor de BTW bij een ondernemer, die zowel belaste als vrijgestelde prestaties levert, niet kan gebeuren op basis van het werkelijk gebruik indien er uitsluitend een interne registratie is van bestede tijd. Splitsing moet dan gebeuren op basis van de omzetverhouding. Wanneer de splitsing op basis van omzetverhouding nadelig is, verdient het aanbeveling de administratie zo in te richten, dat splitsing op basis van het werkelijk gebruik kan plaatsvinden.