Concurrentiebeding buiten werking gesteld

13 juli 2007 | Hof Den Haag | jurisprudentie | LJNBB3911, 05/1316

In een schriftelijke arbeidsovereenkomst kunnen bijzondere bepalingen als een geheimhoudingsbeding en een concurrentiebeding worden opgenomen. Een geheimhoudingsbeding bevat de verplichting tot geheimhouding van bedrijfsaangelegenheden en geldt niet alleen tijdens maar ook na het bestaan van de dienstbetrekking. Op overtreding van het beding staan sancties, die variëren van een boete tot ontslag op staande voet, eventueel aangevuld met of tot schadevergoeding. Een concurrentiebeding verbiedt de werknemer om tot een zekere periode na de beëindiging van de dienstbetrekking gelijk of vergelijkbaar werk te verrichten voor een andere werkgever of voor eigen rekening, op straffe van een boete. Het opnemen van dergelijke bedingen heeft echter niet altijd het gewenste gevolg. Er zijn namelijk omstandigheden waaronder een beroep op een bijzondere bepaling wordt afgewezen. In de arbeidsovereenkomst van een werknemer kwamen beide bedingen voor. In reactie op een opzeggingsbrief van de werknemer ontbond de werkgever de dienstbetrekking met onmiddellijke ingang, dus zonder rekening te houden met de geldende opzegtermijn. Er volgde een procedure waarin de werknemer van zijn vroegere werkgever een nabetaling van salaris en vakantiegeld eiste. De vroegere werkgever reageerde met een eis tot betaling van € 100.000 aan boetes wegens schending van het concurrentie- en het geheimhoudingsbeding. Volgens een schriftelijke verklaring van de nieuwe werkgever had de werknemer klanten van zijn vroegere werkgever meegenomen. De werknemer had zelfs al in de tijd dat hij nog bij zijn vroegere werkgever in dienst was contacten doorgespeeld aan zijn aanstaande werkgever. Deze informatie had de nieuwe werkgever gevonden op de bedrijfscomputer van de werknemer. De rechtbank wees beide eisen toe. In hoger beroep oordeelde het gerechtshof anders. De beëindiging van het dienstverband met onmiddellijke ingang was onregelmatig. In een dergelijk geval kan de werkgever geen rechten ontlenen aan een overeengekomen concurrentiebeding. Het overzetten van vertrouwelijke bedrijfsinformatie van de vroegere werkgever op de computer van de nieuwe werkgever was geen overtreding van het geheimhoudingsbeding, aldus het Hof. Voor zijn vertrek bij de nieuwe werkgever had de werknemer de gegevens van de computer verwijderd. Niet bewezen was dat de werknemer vertrouwelijke gegevens van zijn vroegere werkgever aan derden bekend had gemaakt. Voor zover de vroegere werkgever van mening was dat de werknemer het geheimhoudingsbeding al tijdens zijn dienstverband had overtreden, had de werkgever hetzij de werknemer op staande voet moeten ontslaan, hetzij volledige schadeloosstelling moeten vorderen. De vroegere werkgever had geen van beide gedaan. Het Hof wees de eis van de werkgever om de werknemer te veroordelen tot betaling van een boete wegens schending van het geheimhoudingsbeding af.