14 mei 2007 | Hof Den Bosch | jurisprudentie | LJN-nummer: AE3739 Zaaknr: 00/01270
In de wet op de loonbelasting is geregeld, dat een aanmerkelijk belanghouder, die werkzaamheden voor zijn vennootschap verricht, tenminste een salaris van ƒ 84.000 (aanvankelijk ƒ 78.000) werd verondersteld te hebben genoten. Zijn er meer vennootschappen waarvoor dit geldt, dan geldt deze fictie voor iedere vennootschap. Een aanmerkelijk belanghouder, wiens feitelijk salaris beduidend lager lag, zag zich geconfronteerd met een correctie op zijn aangifte. In de procedure voor het Hof voerde hij geen argumenten aan waarom zijn salaris lager zou moeten zijn. Daarom handhaafde het Hof de uitspraak op het bezwaarschrift van de inspecteur.