Fout in aanslag blijkt bij afhandeling aangifte partner: navordering toegestaan

14 mei 2007 | Hof Amsterdam | jurisprudentie | LJN-nummer: AE0764 Zaaknr: BK 364/01

Onder de wet inkomstenbelasting 1964 werden bij gehuwden de inkomsten uit vermogen, de giften en de aftrekbare kosten in aanmerking genomen bij degene met het hoogste persoonlijke inkomen. Niet altijd is duidelijk wie van beide partners in een jaar het hoogste persoonlijke inkomen heeft gehad, bijvoorbeeld omdat op het moment, waarop de aangifte wordt gedaan, de partners niet meer bij elkaar zijn. Hof Leeuwarden oordeelde onlangs over de vraag, of navordering mogelijk is indien een van beide inmiddels ex-echtgenoten naar achteraf blijkt ten onrechte de negatieve inkomsten uit eigen woning in de aangifte had verwerkt. Bij het indienen van de aangifte waren de inkomensgegevens van de andere partner niet bekend en ging de aangevende partner ervan uit, dat hij het hoogste persoonlijk inkomen had. Daarbij werd vermeld, dat de gegevens van de partner niet bekend waren. De inspecteur legde de aanslagen op conform de aangifte en realiseerde zich later, bij het afhandelen van de aangifte van de andere partner, dat de aanslagen niet juist waren. Hij legde een navorderingsaanslag op. Het Hof was van mening, dat de inspecteur mocht navorderen. Het beroep op opgewekt vertrouwen door de aanslagen conform de aangiften op te leggen wees het Hof af.