Kamerbrief nieuw partnerbegrip

12 november 2010 | Ministerie van Financiën | publicatie | DB2010/181U

In een brief aan de Tweede Kamer heeft de staatssecretaris van Financiën een uiteenzetting gegeven van het nieuwe partnerbegrip dat per 1 januari 2011 in de belastingwetgeving wordt ingevoerd. Uitgangspunt is dat partnerschap aan de hand van objectieve criteria bepaald kan worden. Het basispartnerbegrip omvat gehuwden en ongehuwd samenwonenden met een notarieel samenlevingscontract. Voor de inkomstenbelasting en de inkomensafhankelijke regelingen gelden ook ongehuwd samenwonenden zonder notarieel samenlevingscontract die samen een kind hebben, voor een pensioenregeling als partner gelden of die samen een eigen woning hebben als partner.

 

Voor ongehuwd samenwonenden geldt thans het materiële criterium “voeren van een gezamenlijke huishouding”. Dat criterium vervalt. Voor gehuwden vervalt het materiële criterium “duurzaam gescheiden leven”. Daarvoor in de plaats komt het objectieve criterium “scheiding van tafel en bed”.
Bij de behandeling van het wetsvoorstel is het verzoek gedaan om een inventarisatie te geven van gevallen waarbij belastingen en toeslagen de keuze om te trouwen c.q. het aangaan van een geregistreerd partnerschap zouden kunnen beïnvloeden. De toenmalige staatssecretaris heeft toegezegd te onderzoeken of het fiscale partnerbegrip en het partnerbegrip voor de sociale zekerheid en de zorg zoveel gelijk kunnen worden.
Er bestaan verschillen in het partnerbegrip tussen de inkomstenbelasting en de sociale zekerheid voor ongehuwd samenwonenden die een gezamenlijke huishouding voeren, maar niet aan de objectieve criteria voldoen voor partnerschap in de fiscaliteit. In de sociale zekerheid blijven de criteria “voeren van een gezamenlijke huishouding” en “duurzaam gescheiden leven” van kracht. De minister van Sociale Zaken is van plan om de criteria “gezamenlijke eigen woning in eigendom” en “voor elkaars pensioenregeling als partner zijn aangemerkt” ook voor de sociale zekerheid op te nemen.