14 mei 2007 | Ministerie van Financiƫn | publicatie | DV 2005-00165 U
In de Tweede Kamer zijn vragen gesteld over de BTW-heffing over de activiteiten van (hulp)sinterklazen. De staatssecretaris heeft op 5 december geheel in stijl (op rijm) geantwoord op deze vragen en uitgelegd dat de BTW-heffing beoogt activiteiten in het economische verkeer waarvoor een vergoeding wordt gevraagd te belasten. Voor sinterklaasactiviteiten is dat niet anders. Artiestenbureaus, (artiesten)centrales en dergelijke, die tegen vergoeding optredens van artiesten - zoals goochelaars, paashazen en (hulp)sinterklazen - organiseren of die daarbij bemiddelen, verrichten activiteiten die op grond van de Wet op de Omzetbelasting 1968 tot BTW-ondernemerschap en tot BTW-heffing leiden. Dit geldt zowel in het geval de activiteiten commercieel worden verricht als in het geval dat er zonder winstoogmerk wordt opgetreden.