Keuze voor behandeling als binnenlands belastingplichtige

12 april 2012 | Hof Den Bosch | jurisprudentie | LJNBW1115, 11/00482

De Wet IB 2001 biedt mensen die in het buitenland wonen en Nederlands inkomen genieten de mogelijkheid om in Nederland te kiezen voor behandeling als binnenlands belastingplichtige. Een procedure voor Hof Den Bosch ging over de vraag of deze keuze gevolgen heeft voor de belastingheffing in Nederland over andere inkomensbestanddelen. De belanghebbende woonde in Duitsland en had daar een eigen woning. Door de keuze voor behandeling als binnenlands belastingplichtige kon de belanghebbende de negatieve opbrengst van de eigen woning verrekenen met zijn positieve Nederlandse inkomen. Naast een uitkering van het UWV ontving hij een pensioen, waarover de belastingheffing volgens het verdrag met Duitsland aan Duitsland toekwam. De inspecteur wilde ook het pensioen in Nederland belasten.

 

Hof Den Bosch oordeelde in afwijking van hetgeen de rechtbank had overwogen dat keuze voor behandeling als binnenlandse belastingplichtige er niet toe leidt dat iemand voor de toepassing van het belastingverdrag als inwoner van Nederland wordt aangemerkt.

Volgens het hof is het op grond van het belastingverdrag niet toegestaan dat Nederland de pensioenuitkeringen in de heffingsgrondslag voor de inkomstenbelasting betrekt. Het arrest Renneberg van het Hof van Justitie EU maakt dit niet anders, ondanks dat Nederland hierdoor in bepaalde gevallen verplicht is rekening te houden met negatieve inkomsten uit een buiten Nederland gelegen eigen woning, ook al zou dat in strijd zijn met bepalingen uit belastingverdragen.

De inspecteur voerde nog aan dat de belanghebbende door te kiezen voor behandeling als binnenlandse belastingplichtige afstand heeft gedaan van toepassing van de regels uit het belastingverdrag. Het hof deelt die opvatting niet. Volgens het hof blijkt dat namelijk niet uit de tekst van het wetsartikel of uit de parlementaire geschiedenis van dat artikel.