Keuze voor behandeling als binnenlands belastingplichtige

31 augustus 2011 | Rechtbank | jurisprudentie | LJNBR5365, 09/1465

De Wet IB 2001 biedt buitenlands belastingplichtigen de mogelijkheid om te kiezen voor toepassing van de regels voor binnenlands belastingplichtigen. De vraag of een dergelijke keuze steeds geldt voor het hele kalenderjaar kan niet aan de hand van de wetsbepaling of de wetsgeschiedenis worden beantwoord. De rechtbank Breda is van oordeel dat de keuze voor een heel jaar geldt, omdat ook binnenlands belastingplichtigen die niet het hele jaar in Nederland wonen deze keuze hebben. De rechtbank vindt niet aannemelijk dat de wetgever heeft bedoeld dat binnenlands belastingplichtigen ervoor kunnen kiezen om te opteren voor bepaalde tijdvakken binnen het deel van het kalenderjaar dat zij niet in Nederland wonen.

 

De rechtbank kwam tot deze uitspraak in een procedure van iemand die in Duitsland woonde en in Nederland werkte en de negatieve inkomsten uit eigen woning in Duitsland in aftrek wilde brengen. In de loop van 2005 verhuisde hij naar de VS. Inzet van het geschil was of de inspecteur de negatieve inkomsten uit eigen woning op de juiste wijze had verrekend met de positieve inkomsten uit de VS. Ook de toepassing van de inhaalregeling, waarbij de in 2003 en 2004 afgetrokken negatieve inkomsten van de eigen woning werden gecorrigeerd, stond ter discussie. De rechtbank vond niet onrechtmatig dat het opteren voor binnenlandse belastingplicht tot gevolg heeft dat de negatieve inkomsten uit eigen woning in Duitsland over 2005 voor de aftrek ter voorkoming van dubbele belasting worden verrekend met het positieve Amerikaanse inkomen uit 2005. Door de keuze voor toepassing van de regels voor binnenlands belastingplichtigen behoorden de inkomsten uit de VS tot het wereldinkomen.

 

De wijze waarop de inspecteur de inhaalregeling had toegepast vond geen genade in de ogen van de rechtbank. De inspecteur had positief inkomen uit het ene land gesaldeerd met negatief inkomen uit datzelfde land en uit andere landen. In dit geval ging het om aftrekposten uit jaren waarin de belanghebbende nagenoeg zijn hele inkomen in Nederland verdiende. Voor binnenlands belastingplichtigen zou in een identieke situatie de inhaalregeling geen effect hebben omdat dan niet de overall methode maar de per country methode van toepassing is. Dat is volgens de rechtbank in strijd met de uitgangspunten van het arrest Schumacker van het Hof van Justitie EU.