14 mei 2007 | Hof Den Haag | jurisprudentie | LJN-nummer: AO2809 Zaaknr: BK-02/02227
Bij de invoering van de Brede Herwaardering van de fiscale behandeling van levensverzekeringen is een overgangsregeling getroffen voor bestaande kapitaalverzekeringen met lijfrenteclausule, waardoor de premie voor dergelijke verzekeringen na 1 januari 1992 aftrekbaar bleef. Deze overgangsregeling met eerbiedigende werking voor kapitaalverzekeringen met lijfrenteclausule is bij de belastingherziening 2001 per 1 januari 2001 beƫindigd. De wetgever heeft voortzetting van die overgangsregeling nadrukkelijk niet gewild. Dat heeft tot gevolg gehad dat vanaf 1 januari 2001 geen premieaftrek voor kapitaalverzekeringen met lijfrenteclausule mogelijk is. Volgens Hof Den Haag is dat niet in strijd met het vertrouwensbeginsel of het zorgvuldigheidsbeginsel. Ook is geen sprake van schending van de rechten van de mens, zoals deze zijn opgenomen in het EVRM.