15 september 2011 | Rechtbank | jurisprudentie | LJNBS1170, Rechtbank Dordrecht , 94096 / KG ZA 11-154
Een concurrentiebeding moet schriftelijk zijn overeengekomen om rechtsgeldig te zijn. De achtergrond van dit vereiste is dat een dergelijk beding voor de werknemer bezwarend is. De werknemer moet daarom de consequenties van zo’n beding goed kunnen overwegen voordat hij daaraan gebonden is. Voldoende is dat de werknemer zich schriftelijk akkoord verklaard heeft met de arbeidsvoorwaarden waarin een concurrentiebeding is opgenomen, mits de inhoud van dat document als bijlage is bijgevoegd.
Een werkgever verstuurde een arbeidsovereenkomst met daarin een concurrentiebeding per e-mail aan een nieuwe werknemer. De werknemer verklaarde zich per e-mail akkoord met deze arbeidsovereenkomst. Naar het oordeel van de kantonrechter is daarmee voldaan
aan het schriftelijkheidsvereiste, omdat deze situatie gelijkgesteld kan worden met verzending van de arbeidsovereenkomst per post, gevolgd door een akkoordverklaring per brief. Dit betekende dat het concurrentiebeding tussen partijen gold.
De vraag was of de werknemer het concurrentiebeding had geschonden. Voordat hij was begonnen met zijn werk voor de werkgever had hij de dienstbetrekking al opgezegd. Volgens vaste jurisprudentie is de opzegging van een arbeidsovereenkomst met een proeftijdbeding
voordat de werkzaamheden zijn aangevangen in beginsel rechtsgeldig. Omdat de arbeidsovereenkomst een proeftijdbeding bevatte, was deze rechtsgeldig beëindigd. De werknemer had een opdracht die hij voor zijn nieuwe werkgever zou uitvoeren als zzp’er aangenomen.
Het ging om een nieuwe opdrachtgever, die de werknemer zelf had geworven. Toch was de kantonrechter van oordeel dat gezien de arbeidsovereenkomst en de afspraak dat partijen samen zouden zoeken naar een geschikte opdracht waar de werknemer geplaatst zou worden
de opdrachtgever een klant of een relatie van de werkgever was geworden. De kantonrechter was van oordeel dat de werknemer het concurrentiebeding had overtreden door de opdracht voor eigen rekening uit te voeren.