27 november 2009 | Hof Leeuwarden | jurisprudentie | LJN BK3698, BK32/08
Een werknemer in de offshore ontving van zijn werkgever naast salaris een vergoeding. Na een wijziging in zijn arbeidscontract ontving hij van zijn werkgever een tekenvergoeding. Deze bedragen liet de werknemer storten op een Duitse bankrekening. De werknemer heeft het saldo van de Duitse bankrekening nooit aangegeven voor de vermogensbelasting. Ook de op deze rekening ontvangen rente gaf de werknemer niet aan voor de inkomstenbelasting.
In 2002 stelde de werknemer de belastingdienst op de hoogte van het bestaan van de Duitse bankrekening. De belastingdienst legde navorderingsaanslagen inkomsten- en vermogensbelasting op met gebruikmaking van de verlengde navorderingstermijn die geldt voor buitenlandse inkomsten.
In navolging van de rechtbank vond Hof Leeuwarden dat de inspecteur kon navorderen omdat er een zogenaamd nieuw feit was. De inspecteur wist aanvankelijk niet dat de werknemer een spaartegoed had op een Duitse bankrekening dat rentebaten opleverde.
Over de houdbaarheid van de verlengde navorderingstermijn heeft de Hoge Raad in een arrest uit 2008 prejudiciƫle vragen gesteld aan het Hof van Justitie EG. Het Hof van Justitie EG heeft beslist dat de verlengde navorderingstermijn in beginsel een verboden beperking vormt van het vrij verrichten van diensten en het vrije verkeer van kapitaal. Onder omstandigheden is een inbreuk op door het EG-verdrag gegarandeerde vrijheden van verkeer toegestaan. Voor de vraag of de verlengde navorderingtermijn kan worden toegepast is van belang of de inspecteur aanwijzingen had over het bestaan van in een andere lidstaat ondergebrachte belastbare inkomens- of vermogensbestanddelen. In dit geval had het hof al vastgesteld dat de inspecteur niet beschikte over dergelijke aanwijzingen. De enkele omstandigheid dat het in de offshore branche gebruikelijk is om onkostenvergoedingen op buitenlandse rekeningen te storten, is onvoldoende om in een specifiek geval te concluderen dat er een dergelijke aanwijzing is. Dat betekende dat de verlengde navorderingstermijn toegepast kon worden.